LEZING VAN JAN OEGEMA OP 12 JUNI.- MEER LEZEN EN AANMELDEN
Auteur Jan Oegema komt op vrijdagmiddag 12 juni 2026 spreken bij Pentagram boekwinkel over zijn nieuwste boek: Een apart soort moed - Etty Hillesum nu!. In de bovenstaande video spreekt Oegema niet over Etty Hillesum, maar over Rainer Maria Rilke. Daarnaast spreekt hij met zijn interviewer, Jelle van Baardewijk, over een vraag die veel breder reikt: wat betekent het om een leermeester te hebben?
Jan Oegema schreef onder andere een boek over Rilke waarin biografie, poëzie en spiritualiteit samenkomen: Rilke en de wijsheid - De kunstenaar als leraar.. Het gesprek met Van Baardewijk laat zien dat Rilke niet begrepen kan worden zonder de mensen die hem vormden — en dat leermeesterschap misschien een vergeten, maar onmisbare dimensie van menswording is.
Oegema herkent in Rilke iets uit zijn eigen leven. Zelf maakte hij jarenlang deel uit van een spirituele kring rond een zenleraar, iemand die literatuur, christendom, mystiek en moderne kunst met elkaar wist te verbinden. Die ervaring van leerling-zijn heeft hem gevoelig gemaakt voor de dynamiek tussen meester en leerling. Het gaat daarbij niet simpelweg om kennisoverdracht. Een leermeester geeft niet alleen informatie, maar zet iets in beweging. Er wordt, zoals Oegema het beschrijft, iets geboren in de leerling.
Bij Rilke gebeurde dat op beslissende wijze in zijn ontmoetingen met Auguste Rodin en Lou Salomé. Rodin, de grote beeldhouwer, leerde Rilke kijken. Niet vluchtig, niet sentimenteel, maar gedisciplineerd en aandachtig. Rilke ging naar de dierentuin, bestudeerde beelden en objecten, en ontwikkelde daaruit zijn beroemde “dinggedichten”. Toch zijn dat geen simpele beschrijvingen. Het kijken wordt bij Rilke een vorm van innerlijke oefening. Het object opent een andere manier van zijn.
Dat komt sterk naar voren in Rilkes gedicht over de archaïsche torso van Apollo. Het beeld heeft geen hoofd, geen armen, geen benen, en toch ervaart Rilke het als vol aanwezigheid. Alsof elke vezel van het lichaam terugkijkt. De beroemde slotregel — dat je je leven moet veranderen — is bij hem geen schreeuwende opdracht, maar eerder een constatering. Wie werkelijk kijkt, kan niet blijven wie hij was.
Lou Salomé speelde een andere, minstens zo ingrijpende rol. Zij ontmoette Rilke toen hij jong was en veranderde zijn leven op allerlei niveaus: zijn naam, zijn levensstijl, zijn zelfbeeld en zijn gevoelswereld. Oegema benadrukt dat zij hem hielp vertrouwen op zijn gevoeligheid. In hun verhouding ontstond een toon die later herkenbaar wordt in Rilkes werk: intiem, zoekend, religieus geladen, maar ook vrij en persoonlijk.
Het gesprek gaat daarmee over meer dan Rilke alleen. Van Baardewijk en Oegema raken aan een bredere cultuurkritiek. In onze tijd met een vergaande individualisatie vinden we het moeilijk om te erkennen dat een ander ons wezenlijk kan vormen. We willen origineel zijn, onze eigen vraag stellen, onze eigen weg gaan. Maar misschien worden we juist pas werkelijk onszelf via anderen: via voorbeelden, meesters, leraren, boeken en ontmoetingen die ons boven onszelf uittillen.
Tegelijk is Oegema niet naïef. Leermeesterschap kan gevaarlijk zijn. Charisma kan misbruikt worden, leerlingen kunnen gewond raken. Daarom vraagt de verhouding tussen meester en leerling om behoedzaamheid. Maar het risico neemt niet weg dat er ook iets kostbaars in schuilt. Een echte leermeester drukt zijn stempel niet zomaar op een leerling, maar helpt hem of haar ontvankelijk te worden voor wat nog verborgen is.
Rilke leert ons zo dat innerlijke groei niet maakbaar is. Innerlijkheid laat zich niet forceren. Zij groeit in stilte, door aandacht, oefening, geduld en soms door rouw. In die zin is het gesprek met Oegema ook een pleidooi om opnieuw serieus te nemen wat ons vormt: niet alleen kennis, ook aanwezigheid; niet alleen uitleg, ook inductie; niet alleen autonomie, ook ontvankelijkheid.
LEZING VAN JAN OEGEMA OP 12 JUNI.- MEER LEZEN EN AANMELDEN
BESTEL EEN APART SOORT MOED - ETTY HILLESUM NU!
BOEKEN VAN JAN OEGEMA