De Daodejing van Lao Zi behoort tot de geschriften die zich moeilijk laten vastleggen in één definitieve vertaling of interpretatie. De korte, raadselachtige verzen over Tao, niet-handelen, eenvoud, leegte en innerlijke kracht lijken zich telkens opnieuw te openen. Tao, universeel bewustzijn – Teh, universeele bewustwording van E.J. Welz en C. van Dijk is daarom een bijzondere uitgave: niet één, maar twee uitgesproken Nederlandse benaderingen van de klassieke Chinese wijsheid zijn hierin samengebracht.
De basis wordt gevormd door de vertaling van de Tao Teh King van E.J. Welz. Deze verscheen oorspronkelijk in 1947 en werd rechtstreeks uit het Chinees gemaakt. Welz koos daarbij niet voor een strikt filologische vertaling. Hij probeert de Chinese karakters eerder te omschrijven en hun betekenisveld zichtbaar te maken. Daardoor is zijn tekst soms eigenzinnig, maar juist ook uitnodigend: hij wil de lezer niet alleen laten weten wat er staat, maar laten aanvoelen waarnaar de woorden verwijzen. In de huidige uitgave fungeert zijn vertaling bovendien als oriëntatiepunt bij de veel vrijere parafrasen van C. van Dijk.
Die parafrasen vormen het meest karakteristieke deel van het boek. Van Dijk publiceerde ze oorspronkelijk in 1933 en 1934 onder de titels Tao – universeel bewustzijn en Teh – universeele bewustwording. Het gaat om maar liefst 569 berijmde beschouwingen bij de Daodejing. Van Dijk baseerde zich op verschillende bestaande vertalingen, in het bijzonder op de Duitse vertaling van Alexander Uhlar. Zijn teksten zijn geen vertaling in strikte zin, maar dichterlijke meditaties die proberen de geest van Lao Zi naar het innerlijke leven van de lezer te vertalen.
Dat levert soms verrassend directe formuleringen op. Thema’s als het loslaten van het ego, terugkeer naar de oorsprong, ontvankelijkheid, innerlijke stilte en het onderscheid tussen wezen en verschijning keren voortdurend terug. Water is daarbij, geheel in de geest van Lao Zi, een belangrijk beeld: het zoekt de laagste plaatsen, dringt overal door en overwint zonder strijd. Elders spreekt Van Dijk over het vinden van een innerlijk rustpunt, over het losmaken van wat ons bindt en over de mens als drager van een licht dat niet van hemzelf is.
De ouderwetse spelling en het rijm vragen aanvankelijk enige gewenning. Wie uitsluitend een moderne, nauwkeurige vertaling van de Daodejing zoekt, zal elders gemakkelijker zijn weg vinden. Maar precies daarin ligt ook de kracht van deze uitgave. Dit is geen boek om snel achter elkaar uit te lezen. De teksten nodigen uit tot vertraging, herlezing en overdenking. Al in 1934 wees dichter Willem Kloos erop dat dergelijke spreuken woord voor woord gelezen moesten worden, vrij van al te vanzelfsprekende vooronderstellingen.
Tao, universeel bewustzijn – Teh, universeele bewustwording is daarmee vooral een boek voor de spirituele zoeker. De combinatie van Welz’ vertaling en Van Dijks poëtische uitwerking maakt zichtbaar hoe rijk en meerduidig de leer van Lao Zi is. Tao verschijnt niet als een theorie die begrepen en vervolgens terzijde gelegd kan worden, maar als een werkelijkheid waarmee de mens zich geleidelijk kan leren verbinden. Teh wordt dan de innerlijke verwerkelijking daarvan: Tao die in het leven werkzaam wordt.
Juist voor wie de Daodejing niet alleen wil bestuderen, maar er regelmatig mee wil mediteren, is deze verzorgde hardback-uitgave van Rozekruis Pers een waardevolle en opmerkelijke metgezel.
INHOUDSOPGAVE
- Schijn en wezen - Eerste Spreuk
- Waarde bepaling - Tweede Spreuk
- Het ware leiderschap - Derde Spreuk
- De harmonie der sferen - Vierde Spreuk
- De bron - Vijfde Spreuk
- Het scheppingsmysterie - Zesde Spreuk
- Groei naar binnen - Zevende Spreuk
- Aanpassing - Achtste Spreuk
- Matigheid - Negende Spreuk
- Zelf-tucht - Tiende Spreuk
- Het nut van de stof - Elfde Spreuk
- Het juiste inzicht - Twaalfde Spreuk
- Van genade en schande - Dertiende Spreuk
- Het ontastbare - Veertiende Spreuk
- Het verloren 'weten' - Vijftiende Spreuk
- Het tijdelijke en het eeuwige - Zestiende Spreuk
- Dictatorschap - Zeventiende Spreuk
- De paradijsvloek - Achttiende Spreuk
- De eeuwige begeerte - Negentiende Spreuk
- Waarachtige wijsheid - Twintigste Spreuk
- De eeuwige vervulling - Een en twintigste Spreuk
- Hoogere wiskunde - Twee en twintigste Spreuk
- Aandoening van het gemoed - Drie en twintigste Spreuk
- Betrekkelijkheid der stof - Vier en twintigste spreuk
- Het ordenend principe - Vijf en twintigste Spreuk
- Het zinnelijk begeren - Zes en twintigste Spreuk
- Misbruik van macht - Zeven en twintigste Spreuk
- De innerlijke kracht - Acht en twintigste Spreuk
- Oplossing der tegenstellingen - Negen en twintigste Spreuk
- Het waarachtig goede - Dertigste Spreuk
- Rede en geweld - Een en dertigste Spreuk
- Bevruchtend principe - Twee en dertigste Spreuk
- Het ware onderscheidingsvermogen - Drie en dertigste Spreuk
- Eeuwige cirkelgang - Vier en dertigste Spreuk
- De stem der stilte - Vijf en dertigste Spreuk
- Beperktheid van onzen gezichtskring - Zes en dertigste Spreuk
- In harmonie met het oneindige - Zeven en dertigste Spreuk
- Trappen van deugd - Acht en dertigste Spreuk
- Het ware zelf - Negen en dertigste Spreuk
- Involutie - Veertigste Spreuk
- Waarachtige en vergaarde kennis - Een en veertigste Spreuk
- Universeele bewustwording - Twee en veertigste Spreuk
- Gebondenheid van den wil - Drie en veertigste Spreuk
- De toetssteen - Vier en veertigste Spreuk
- Relativiteit - Vijf en veertigste Spreuk
- De staat als organisme - Zes en veertigste Spreuk
- Ken u zelven - Zeven en veertigste Spreuk
- Ware ontwikkeling - Acht en veertigste spreuk
- Moraal als axioma - Negen en veertigste Spreuk
- De mystieke drie-eenheid - Vijftigste Spreuk
- Idealisme als realiteit - Een en vijftigste Spreuk
- Wet van oorzaak en gevolg - Twee en vijftigste Spreuk
- Sociale ethiek - Drie en vijftigste Spreuk
- Hiërarchie - Vier en vijftigste Spreuk
- Worden en vergaan - Vijf en vijftigste Spreuk
- Woord en zin - Zes en vijftigste Spreuk
- Eeuwige wisselwerking - Zeven en vijftigste Spreuk
- De grote paradox - Acht en vijftigste Spreuk
- Doen en laten - Negen en vijftigste Spreuk
- Organische samenhang - Zestigste Spreuk
- De groote loutering - Een en zestigste Spreuk
- Het onbeschrijflijke - Twee en zestigste Spreuk
- De macht van het geringe - Drie en zestigste Spreuk
- Voorkomen en genezen - Vier en zestigste Spreuk
- Occulte vermogens - Vijf en zestigste Spreuk
- Voorwaarde tot bereiken - Zes en zestigste Spreuk
- Grondwaarheden van het leven - Zeven en zestigste Spreuk
- Stijd der vreedzamen - Acht en zestigste Spreuk
- Hoogere strategie - Negen en zestigste Spreuk
- De weg der velen - Zeventigste Spreuk
- De ziekte der geleerden - Een en zeventigste Spreuk
- Vrees is een spookbeeld - Twee en zeventigste Spreuk
- Lafheid en moed - Drie en zeventigste Spreuk
- Gerechtigheid is nimmer wraak - Vier en zeventigste Spreuk
- De massa en de leider - Vijf en zeventigste Spreuk
- Het zwakke overwint het sterke - Zes en zeventigste Spreuk
- Evenwicht in den cosmos - Zeven en zeventigste Spreuk
- Dienen is meester zijn - Acht en zeventigste Spreuk
- Het waarachtige Corpus Juris - Negen en zeventigste Spreuk
- Hymne aan den vrede - Tachtigste Spreuk
- De schoone voleinding - Laatste Spreuk