BESTEL GNOSIS STROMEN VAN LICHT IN EUROPA
In zijn boek 'Gnosis – Stromen van Licht in Europa' volgt Peter Huijs een geestelijke stroom die door de Europese geschiedenis heen steeds opnieuw zichtbaar wordt. Hij beschrijft bewegingen en personen die de mens wilden herinneren aan zijn geestelijke oorsprong en bestemming. Binnen die geschiedenis nemen de klassieke rozenkruisers van de zeventiende eeuw een centrale plaats in, maar Huijs laat het verhaal daar niet eindigen. De lijn wordt uiteindelijk doorgetrokken naar het Gouden Rozenkruis van vandaag.
Een belangrijke voorloper van de klassieke rozenkruisers is Paracelsus. Huijs noemt hem zelfs ‘de eerste rozenkruiser’, hoewel Paracelsus historisch gezien geen lid van de latere broederschap kon zijn. De eerste broeders zagen hem als geestverwant en voorganger. Zijn visie op de mens als microkosmos, zijn onderzoek van de natuur en zijn streven om geneeskunst te verbinden met geestelijke kennis spraken hen sterk aan. Volgens Huijs werd Paracelsus zelfs een belangrijk voorbeeld voor de symbolische figuur Christiaan Rozenkruis.
Bij de klassieke rozenkruisers moesten wetenschap en spiritualiteit elkaar aanvullen. Zij stimuleerden onderzoek van het ‘boek der natuur’, maar waarschuwden voor een wetenschap die uitsluitend naar de zichtbare werkelijkheid kijkt. Ook het innerlijke ‘boek’ moest worden gelezen. Daarvoor waren een zuiver hart, oprechtheid en het verlangen om de mensheid te dienen noodzakelijk.
Deze ideeën kregen gestalte in de kring rond Johann Valentin Andreae, Tobias Hess en Christoph Besold. Zij verlangden naar een fundamentele vernieuwing van religie, wetenschap en samenleving. Uit hun geestelijke klimaat ontstonden de drie bekende rozenkruisersgeschriften: de Fama Fraternitatis uit 1614, de Confessio Fraternitatis uit 1615 en de Alchemische Bruiloft van Christiaan Rozenkruis uit 1616. Het doel was volgens Huijs geen grote uiterlijke organisatie, maar een omwenteling waardoor hoofd en hart zich konden openen voor een bevrijdend christendom.
In hoofdstuk 18 maakt Huijs de sprong naar de twintigste eeuw. Daar staan Z.W. Leene, J. van Rijckenborgh en Catharose de Petri centraal. De gebroeders Leene kwamen in de jaren twintig in aanraking met het werk van Max Heindel en het Rozenkruisers Genootschap. Aanvankelijk werkten zij binnen die beweging, maar geleidelijk ontstond een zelfstandige koers. Zij wilden een gemeenschap vormen waarin het oorspronkelijke, levende christendom van de gnosis niet alleen werd onderwezen, maar daadwerkelijk in het leven werd bewezen.
Na de Tweede Wereldoorlog werd dit streven steeds nadrukkelijker verbonden met wedergeboorte en transfiguratie. Niet verbetering van het oude ik stond centraal, maar de geboorte van een nieuwe, geestelijke mens. Vanaf de jaren vijftig ontwikkelde de School zich verder tot een vijfvoudige en uiteindelijk zevenvoudige geestesschool met zo'n 200 vestigingen in meer dan 40 landen. Huijs beschrijft deze ontwikkeling als het ontstaan van een ‘levend lichaam’ waarin de gnosis opnieuw werkzaam kon worden. Veel uitgebreider gaat hij daarop in in zijn boek Geroepen door het wereldhart.
BESTEL GEROEPEN DOOR HET WERELDHART
Zo eindigt Gnosis – Stromen van Licht in Europa waar zijn historische zoektocht naartoe leidt: bij het Gouden Rozenkruis als moderne uitdrukking van dezelfde bevrijdende impuls. Voor Huijs loopt er een lijn van Hermes, Paracelsus en Andreae naar Van Rijckenborgh en Catharose de Petri. Steeds gaat het uiteindelijk om dezelfde opdracht: niet alleen kennis verzamelen, maar de geestelijke mogelijkheid in de mens daadwerkelijk tot leven brengen. De slotwoorden van hoofdstuk 18 maken dat praktisch en dringend: wie van die mogelijkheid weet, wordt uitgenodigd er ook werkelijk iets mee te doen.
INHOUDSOPGAVE
Inleiding
DEEL 1 - DE VOORTIJD
1 De universele broederschap
2 Egypte
De zonnehymne
3 De druïden
4 De essenen
Het visioen van Esnoch
Esseense hymne van Lof en Dank
DEEL II - TIJDEN VAN VERANDERING
5 Wat is gnosis?
6 Hermes Trismegistus
7 Mani uit Ktesifoon
Hymne van Mani
8 De Broederschap der Bogomielen
9 Een Kerk van pure Liefde
DEEL III - EEN NIEUWE GRONDSLAG
10 Meester Eckehart en Johannes Tauler
11 Marsilio Ficino, een academie voor de ziel
12 Theophrast Paracelsus, de eerste rozenkruiser
13 Jakob Böhme
14 Johann Valentin Andreae. Een nieuwe broederschap
15 Jan Amos Komensky - J.A. Comenius De fakkel overgenomen en brandend gehouden
16 Karl von Eckartshausen
De Geloofsbelijdenis van Karl von Eckarsthausen
DEEL IV - DE VRIJMAKING VAN DE LICHTMENS
17 Antonin Gadal
18 Z.W. Leene, J van Rijckenborgh en Catharose de Petri
Register
Literatuur per hoofdstuk