LEZING DOOR ARNO-ALIM REIJERS – INFORMATIE EN AANMELDEN
Op vrijdagmiddag 27 maart verzorgt auteur Arno-Alim Reijers bij Pentagram boekwinkel in Haarlem een lezing over zijn recent verschenen boek ‘Wijsheid in mystiek perspectief’. Reijers is, evenals dit boek, geworteld in de de traditie van de Nederlandse tak van het universeel soefisme van Hazrat Inayat Khan (1882-1927). In de bovenstaande video gaat Johan Witteveen (1921-2019), die veel voor deze soefi-beweging heeft betekend, in op Egyptische mysteriewijsheid waarop het soefisme mede is gebaseerd. Daarover sprak hij ook op het symposion Terug naar de Bron 2 (2003). Hieronder volgt een samenvatting van zijn voordracht die is gepubliceerd in deel 8 van de Symposionreeks.
BESTEL WIJSHEID IN MYSTIEK PERSPECTIEF
Witteveen reflecteert op de zoektocht van de mens naar een diepere, universele waarheid. Volgens hem loopt er door de geschiedenis een voortdurende stroom van spirituele wijsheid. Deze waarheid wordt soms ontdekt, soms verduisterd door rationalisering en dogma, en vervolgens opnieuw tot leven gebracht door mystici, profeten en spirituele tradities. Het verlangen om “terug te gaan naar de bron” is daarom een terugkeer naar die levende ervaring van waarheid.
BESTEL TERUG NAAR DE BRON 2 - SYMPOSIONREEKS 8 VOOR € 5,00
Witteveen begint bij de oude hermetische traditie, toegeschreven aan Hermes Trismegistus en vastgelegd in teksten zoals het Corpus Hermeticum. In deze mystieke filosofie staan enkele kernideeën centraal. Ten eerste is er één goddelijke bron: een alomtegenwoordige schepper die alles doordringt. Ten tweede leeft de goddelijke geest in de mens zelf; de mens draagt een vonk van het goddelijke in zich. Daardoor is de natuur een spiegel van het goddelijke, en kan de mens God niet alleen buiten zich, maar vooral in zichzelf ontdekken.
Deze kennis is volgens Witteveen geen rationele theorie, maar mystieke ervaring. De paradoxen en schijnbare tegenstrijdigheden in hermetische teksten hebben juist de bedoeling de leerling los te maken van beperkte, logische denkpatronen. Spiritueel inzicht ontstaat wanneer men zich opent voor innerlijk licht.
De hermetische traditie heeft door de eeuwen heen grote invloed gehad. In Europa inspireerde zij denkers uit de Renaissance en vroege moderniteit, zoals Marsilio Ficino, Giordano Bruno, Spinoza, Jacob Boehme en Paracelsus. Tegelijk verspreidde deze wijsheid zich in het Midden-Oosten via Arabische vertalingen van hermetische teksten.
Volgens Witteveen ligt hier een belangrijke verbinding met het soefisme, de mystieke stroming binnen de islam. Sommige soefi-denkers beschouwden Hermes zelfs als een spirituele voorvader. Via figuren als Dhul Nun al-Misri en later Soehrawardi werd een traditie van innerlijke verlichting doorgegeven. Deze mystici stonden vaak op gespannen voet met orthodoxe religieuze autoriteiten, omdat hun nadruk op directe ervaring van het goddelijke botste met dogmatische interpretaties van religie.
Voor Witteveen hebben hermetische en soefi-tradities een belangrijke functie in de moderne wereld. In een cultuur die steeds rationeler, technocratischer en materialistischer wordt, dreigt het mystieke element van religie verloren te gaan. Daardoor groeit een nieuwe behoefte aan spirituele diepgang en innerlijke ervaring. Hij spreekt zelfs van een “esoterische vloedgolf” van herontdekte mystieke teksten en tradities.
Een belangrijke moderne vertakking van deze wijsheid ziet Witteveen in het universele soefisme van Hazrat Inayat Khan. Deze Indiase mysticus bracht in de twintigste eeuw een spirituele boodschap naar het Westen waarin verschillende religieuze tradities samenkomen. Inayat Khan benadrukte dat alle religies uit dezelfde bron voortkomen en dat hun diepste waarheid eenheid, liefde en harmonie is.
Een centraal beeld in zijn filosofie is dat van de ziel als een spiegel. De ziel is een zuivere weerspiegeling van het goddelijke bewustzijn. Via psyche en lichaam ervaart zij de wereld, maar deze ervaringen kunnen de mens ook gevangen houden in een stroom van indrukken en identificaties. Het spirituele pad bestaat er daarom in de aandacht weer naar binnen te richten, zodat de ziel het innerlijke licht kan herkennen.
Volgens Witteveen is deze innerlijke ontdekking het doel van alle mystieke tradities. Daarbij speelt geestelijk leerlingschap een belangrijke rol: begeleiding, meditatie, gebed en ademhalingsoefeningen helpen de mens zich open te stellen voor inspiratie. Dit staat haaks op de moderne nadruk op puur rationele autonomie, maar is essentieel voor spirituele groei.
Aan het einde van zijn lezing vat Witteveen het idee van “terug naar de bron” samen in drie betekenissen:
- Herwaardering van oude mystieke wijsheid, zoals de hermetische traditie.
- Openheid voor een levende spirituele stroom, die zich in verschillende religies en culturen blijft vernieuwen.
- Ontdekking van de innerlijke bron van goddelijk licht in ieder mens.
In die zoektocht kunnen verschillende spirituele tradities elkaar ontmoeten. Uiteindelijk moet echter ieder mens zijn eigen weg vinden naar die innerlijke bron.